logo fokkelien

  Varia van Fokkelien

De jonge Geert Grote (2)

Jeugd in Deventer

Geert Grote werd in oktober 1340 in Deventer geboren als enig kind van Werner Grote en Heylwig van der Basselen. Zijn ouders waren welgesteld. De familie Grote behoorde samen met de Van Ockenbroecks tot de belangrijkste lakenkooplieden; ze hadden altijd wel een paar leden in het stadsbestuur zitten. De naam van Geerts vader, Werner Grote, begint vanaf 1333 in de lijsten op te duiken. Op 22 februari 1348 werd hij burgemeester.
Het Deventer stadsbestuur was ooit gebaseerd op het gildesysteem. Jaarlijks waren er verkiezingen, waar de gildeleden uit hun midden vertegenwoordigers kozen voor het stadsbestuur. In de tijd van Geert Grote was dit democratische principe in verval geraakt. Er waren 12 schepenen en 12 raadsleden, allemaal afkomstig uit de rijke families. Om een schijn van wettigheid te bewaren, werden eens in de twee jaar verkiezingen gehouden. Bij die gelegenheid kozen de twee groepen elkaar en ver­wisselden ze dus eenvoudigweg van positie!
Werner was een rechtschapen man en moet moeite hebben gehad met de steek­penningen en het machtsmisbruik. Toen hij opnieuw werd gekozen, weigerde hij de functie en trok zich terug uit de politiek om zijn ziel niet verder in gevaar te brengen.

Geert Grote groeide dus op in een milieu waar godsdienst en moraal centraal stonden en werd waarschijnlijk daardoor een onafhankelijk man met een sterk rechtvaardigheidsgevoel. Hij was bovendien meer geneigd tot praktische wijsheid dan tot filosofie.
Uit allerlei getuigenissen blijkt dat de jonge Geert gelukkig was bij zijn ouders, en dat hij het goed deed op school.

In 1350 komt aan dit rustige en harmonische leven een einde als de beruchte Zwarte Dood (de pest) Deventer bereikt. Eerst sterft zijn moeder, op 24 juli, daarna ook zijn vader.
Lebuïnuskerk en kloosterAls wees kwam Geert Grote onder de voogdij van zijn oom Jan van Ockenbroeck, die getrouwd was met een zus van zijn vader. Hij werd naar de kapittelschool gestuurd ter voorbereiding op een studie aan de universiteit.
Een kapittelschool stond onder gezag van de kerk (de Lebuïnus in dit geval) en werd later Latijnse school genoemd. In 1485 was de school gevestigd op de plaats waar hij nu nog steeds staat, maar in de tijd van Geert Grote stond hij vlakbij het koor van de Lebuïnus en was hij waarschijnlijk als onderdeel van het Papenklooster, zie foto (Google Maps).

Studie in Parijs

college in Parijs, 14e eeuwToen Geert Grote 15 was, in 1355, stuurden zijn pleegouders hem naar de universiteit in Parijs. Normaal gesproken moest je vier jaar studeren voor je de graad kon halen die wij nu bachelor noemen, en je moest minimaal 19 jaar zijn. Maar Geert Grote kreeg deze graad al na twee jaar studeren. Hij was toen 17. Op zijn 18e haalde hij de graad van Meester (ons doctoraal); gewoonlijk kostte het zeven jaar studie om dit te bereiken. Hij kon nu overal les geven, maar volgens de reglementen moest dat wel eerst twee jaar in Parijs.

college in Parijs, 15e eeuwKennelijk was zijn dorst naar kennis zo enorm, dat hij niet goed kon kiezen waarmee hij verder wilde. In de tien jaar na het behalen van zijn meestergraad volgde hij diverse studies aan verschillende universiteiten, o.a. in Keulen en in Praag, maar haalde hij geen graad meer.
Beide afbeeldingen hier betreffen de Universiteit van Parijs. De miniatuur links boven dateert uit de 14e eeuw, het plaatje rechts uit de 15e eeuw. Tot en met de 14e eeuw werden de colleges bij de hoogleraar thuis gegeven, of eventueel in een gehuurd zaaltje. Universiteitsgebouwen kwamen er pas in de 15e eeuw en dat is te zien op de ronde miniatuur: de zetel van de hoogleraar lijkt me wat groot voor een huiskamer of een huurzaaltje!

Geert Grote studeerde snel, was een van de beste studenten, en hij was rijk. Hij was altijd chic gekleed en deed mee aan feestjes, maar was wel weer zo slim dat hij maat hield, want hij wilde zijn krachten niet verspillen. Zijn studie kwam eerst. Zijn geld gaf hij vooral uit om anderen te trakteren. Het was overigens niet alleen daardoor dat hij tijdens zijn studie vrienden voor het leven opdeed: enkelen van hen speelden later een rol bij zijn bekering. Hij moet ‘iets’ hebben gehad dat mensen aantrok. Charisma had hij zeker: als hij in het openbaar sprak, stroomden de mensen toe om hem te horen.
Later beschreef Geert Grote zichzelf als arrogant en ijdel; hij was trots op zijn studieresultaten en zijn andere successen. Hij werkte niet hard voor het heil van zijn ziel, maar om erkenning te krijgen in de wereld. De eeuwigheid speelde geen rol in zijn leven toen.

Wat studeerde Geert Grote eigenlijk?

Een docent/vriend van hem schrijft na Grote's dood dat hij zijn weerga niet kende in de volgende onderwerpen: artes liberales, natuurwetenschappen, ethiek, civiel recht, kerkelijk recht en theologie. Deze volgorde is waarschijnlijk ook de volgorde waarin hij de vakken heeft gestudeerd. Kennelijk is zijn interesse langzamerhand overgegaan van een wereldlijke carrière naar een kerkelijke loopbaan.

De zeven artes liberales, de vrije kunsten, vormden de basis van het curriculum. Ze werden ingedeeld in (i) het trivium, drie vakken die op taal waren gericht, en (ii) het quadrivium, vier β-vakken:

  1. grammatica (Latijn), dialectica (logisch redeneren) en  retorica (welsprekendheid);
  2. aritmetica (rekenkunde), geometrica (meetkunde), musica (harmonieleer) en astronomia (kosmologie, leer van het heelal; hieronder viel ook wat wij nu astrologie noemen).

Deze ‘kunsten’ werden ‘vrij’ genoemd, omdat ze niet opleidden tot een economisch doel, maar alleen om zuivere wetenschap te bedrijven.



Geert Grote heeft onge­twijfeld les in de kosmo­logie gehad van de be­roemde Parijse hoogleraar Nicolas Oresme (ca 1320-1382), zie afbeelding links, overgenomen van de Wikipedia.
De illustratie is afkomstig uit Oresme's boek Traité de la Sphère (verhande­ling over de bol).





Weg naar de bekering

Al voor 1370 waren er tekenen geweest dat er iets bijzonders zou gaan gebeuren met Geert Grote, één keer in Keulen, later in Praag en nog weer later in Aix en Provence, waar hij nu en dan kwam omdat hij er pastoor was. De eerste twee keren bij monde van een kluizenaar werd hem verteld dat hij zoals de zaken er nu voor stonden naar de hel zou gaan, maar dat hij een groot man zou worden als hij zich bekeerde. In Aix werd een brand voorspeld vanwege de grote zonden van stad en geestelijkheid, en die brand kwam er ook. Een en ander maakte wel enige indruk op Geert Grote, maar niet voldoende om zijn levenswijze aan te passen.

Het verhaal van zijn daadwerkelijke bekering is ingewikkelder en daardoor veel menselijker dan het doorgaans wordt verteld. Dit komt t.z.t. in een nieuw artikel aan de orde.

Bronnen

Dit is geen uitputtende bibliografie over Geert Grote, maar een verantwoording van de bronnen die ik heb gebruikt en een verwijzing naar het belangrijkste lopende project over het onderwerp.

Mijn verhaal is hoofdzakelijk gebaseerd op een proefschrift dat in 1963 in Amerika is verschenen: Zijl, Theodore P. van. Geert Groote, Ascetic and Reformer (1340-1384). The Catholic University of America Press, Washington D.C.
Er zijn daarna zeker ook interessante werken over hem verschenen, maar het voordeel van dit boek is dat Geert Grote en zijn volgelingen letterlijk worden geciteerd in de brontaal (bijna altijd Latijn of Middelnederlands). Je kunt daardoor precies nagaan hoe Van Zijl aan zijn informatie komt en hoe Geert Grote en zijn tijdgenoten formuleerden.

De miniatuur in deel 1, ‘Goed gekleed …’, komt uit een Franstalig manuscript (Tournai/Doornik 1350), collectie The Morgan Museum New York. Voor meer informatie, zie de website van dit museum.

De afbeeldingen van de Parijse Universiteit zijn afkomstig van het omslag van Universiteiten in de Middeleeuwen van Jacques Verger, Unieboek, Bussum 1978. Het bovenste plaatje staat op de voorkant, en is een detail van een miniatuur in de Grandes chroniques de France (14e eeuw). Musée Goya, Castres, fol 277 r. Dia Giraudon, Parijs.
Het ronde plaatje is gescand van de achterkant en is een detail van een miniatuur in Barthélémy l' Anglais, De proprietatibus Rerum (eind 15e eeuw), Bibliothèque Municipale, Amiens, ms 399 fol 27. Dia Lauros-Giraudon, Parijs.

Het mijns inziens interessantste project rond Geert Grote is dat van het Titus Brandsma Instituut van de Radboud Universiteit te Nijmegen, waar het hele oeuvre van Geert Grote wordt vertaald. Zie Geert Grote Werken op de site van het Titus Brandsma Instituut.

Ten slotte is het de moeite waard rond te kijken op de website van het Historisch Centrum Overijssel. Via deze site kun je ook naar MijnStadMijnDorp. Dit platform is opgezet door het Historisch Centrum. Er is hier onder meer heel veel informatie over Geert Grote en de Moderne Devotie te vinden.

De jonge Geert Grote

In deel 1 komt zijn naam aan de orde en ik verwijs naar Alianora van Gelre, een belangrijk personage in de geschiedenis van Deventer, en niet alleen daar. Verder ga ik in op het uiterlijk van Geert Grote. Dat lijkt banaal, maar het is historisch gezien interessanter dan je misschien zou denken.
Lees verder  »

Deel 2 geeft een beschrijving van zijn jonge jaren: hoe hij opgroeide in Deventer en zijn studie in Parijs. Wat dat laatste betreft: ik ga niet alleen in op zijn studentenleven, maar ook op wat hij nu eigenlijk precies gestudeerd heeft. Verder vertel ik iets over het voorspel van zijn bekering.
Lees verder  »


Middeleeuwen
Persoonlijk:
Astrologie
Home | NAAR BOVEN



Laatste versie: vrijdag 11 augustus 2017